Taijiquan is gebaseerd op het concept van de vereeniging van Yin 阴 en Yang 阳 en bestaat uit een doorlopende serie van afwisselend sluitende en openende bewegingen. Deze open en sluiten cyclus weerspiegelt het Chinese concept van de eeuwige cyclus van Yin naar Yang naar Yin, enzovoorts.
De filosofie van Tàijíquán is afgeleid van de Yijing (I Ching ) 易 经 en Laozi (Lao Tzu)'s 老 子 Daodejing (Tao Te Ching) 道 德 经 .
太极拳
Tàijíquán
bevat vele series oefeningen, de blote hand oefening, de oefening van
Push-hands (tui shou) met tweetallen en oefeningen met wapens als het zwaard, de
lange stok en de speer. Gedurende de laatste honderd jaar, samenhangend
met de veranderingen in de maatschappij, veranderde Tàijíquán van een
vecht tot een medische oefening; sprongen en explosieve bewegingen verminderden.
Uiteindelijk werd het tot een subtiele, zachte fysieke oefening.
Tijdens
het proces van groei en ontwikkeling ontstonden er verschillende scholen.
De vier belangrijkste scholen, Yang, Wu, Sun en Chen, hebben alle hun
eigen karakteristieken.
De bewegingen van de Yang stijl Tàijíquán ( 杨 式 太 极), ontwikkeld door Yang Cheng Fu,
zijn breed en zacht; de Wu stijl, ontwikkeld door Wu Jianquan, zijn gestructureerd
en zacht; Sun stijl bewegingen, ontwikkeld door Sun Lutang, zijn klein en
verfijnd; Chen stijl bewegingen, ontwikkeld door Chen Fake, zijn zowel vastberaden
als zacht en staan het dichtst bij de oorspronkelijke oefeningen.
Hoewel
verschillend in stijl hebben alle scholen dezelfde basis principes en eigenschappen.
Twee
belangrijke principes zijn Ontspanning (Fang Song = loslaten van spanning) en Verstilling. Ontspanning
betekent dat het lichaam ontspannen en natuurlijk beweegt, de bewegingen
zijn mild, zacht en samenhangend, zonder kracht. verstilling betekent
concentratie en sereenheid. Als een totale lichaams-oefening, een combinatie
van fysiek en mentale controle, benadrukt Tàijíquán de beheersing van
het lichaam door meditatie, waarbij meer aandacht geschonken wordt aan
het mentale dan aan het fysieke. Zodoende is het niet vreemd dat velen
Tàijíquán vergelijken met meditatieve oefeningen.
Sinds de oprichting van het Nieuwe China in 1949 heeft de regering belang gehecht
aan deze oude sport. Tegenwoordig is Tàijíquán een favoriete oefening in
China. Elke morgen oefenen milioenen mensen in steden en dorpen Tàijíquán.
Sommige mensen beoefenen Taijijian (zwaardvorm). Om aan de behoeften van
het publiek tegemoet te komen ontwikkelde de Staat de vereenvoudigde Tàijíquán
(24 bewegingen) op basis van Yang stijl Tàijíquán.
In
feite is Tàijíquán een vorm van Qì Gong, het zodanig bewegen van het lichaam
dat de Qi ongestoord kan stromen door alle meridianen. De vorm is hierbij
slechts een instrument om dit te bereiken. Welliswaar een instrument,
maar dan een welke men na intense oefening met zorg en gevoel kan gebruiken
en toepassen.
Een
van de belangrijkste leraren die Tàijíquán populair heeft gemaakt in
het westen is Cheng Man Ching (Zheng Manqing 郑 曼 青 ). Hij was tevens de leraar van dr Chi Chiang Tao / Qi Jiang Tao.